Otto Bachmann (1915-1996) - unbekannt





| € 1 |
|---|
Catawiki Kopersbescherming
Je betaling is veilig bij ons totdat je het object hebt ontvangen.Bekijk details
Trustpilot 4.4 | 128151 reviews
Beoordeeld als "Uitstekend" op Trustpilot.
Beschrijving van de verkoper
Otto Bachmann (1915 – 1996) werd geboren in Luzern in een burgerlijk, maar eerder onconventioneel gezin; hij volgde een grafische opleiding en vond aan de plaatselijke Kunstgewerbeschule een leraar in Max von Moos die zijn talent vroeg onderkende en stimuleerde.
In zijn broodwinning als grafisch ontwerper bij een reclamebureau in Zürich kon hij zich echter nooit echt thuis voelen en reisde daardoor als gevolg daarvan met een kleine circuss tijdens drie jaar van het noorden naar het zuiden Europa door. Het was een soort opleidingsreis en deze atmosferisch dichterlijke wereld heeft hem dan ook blijvend beïnvloed in zijn artistieke schepping.
Zijn werk is doordrenkt van een enkelvoudige visie van een buitenbeentje – hij maakte geen deel uit van een schildersschool of kunstenaarsgroep. Het meest zou men hem kunnen toewijzen aan het fantastische realisme uit Wenen.
Wie over de schilder Otto Bachmann spreekt, moet tegelijk ook spreken over de tekenaar met dezelfde naam. Zijn doorbraak als kunstenaar kwam er toen hij op twaalf grote paneelstukken illustreerde bij Goethers Faust, dat in 1943 bij Conzett en Huber in Zürich verscheen. Later heeft hij herhaaldelijk belangrijke werken uit de wereldliteratuur verrijkt en aangevuld met zijn potlood-, houtskool- en lithografie-tekeningen. Naast deze illustraties zat hij dagelijks aan zijn ezel, eerst in Zürich, vanaf 1945 in Ascona, waar hij ook de «Premio Cultura» van de gemeente ontving. Geleidelijk kon hij steeds meer tentoonstellingen en musea met zijn schilderijen vullen, eerst in Parijs, daarna in de Verenigde Staten en vooral succesvol in Duitsland.
In Otto Bachmanns oeuvre lopen thema’s door die hem gedurende zijn hele loopbaan hebben beziggehouden: toneel, circus en carnavalsbeelden, vrouwbeelden en naakten, rijk aan figuren uit mythologie en religie, evenals motieven uit het dagelijks leven. In zijn oeuvre komt landschappen, stillevens, zelfportretten en mannen vrijwel nauwelijks voor. Hij werd gefascineerd door de transformatie van personen door maskers en kostuums – de identiteit van zo’n wisseling die daardoor plaatsvindt. Maskerade niet als verstoppen, maar als ontcijfering van de ware verhoudingen. Dieptreurige beelden van podium, circus en carnaval vormen dan ook die onderwerpen die men ook vandaag nog indringend herinnert.
Otto Bachmann (1915 – 1996) werd geboren in Luzern in een burgerlijk, maar eerder onconventioneel gezin; hij volgde een grafische opleiding en vond aan de plaatselijke Kunstgewerbeschule een leraar in Max von Moos die zijn talent vroeg onderkende en stimuleerde.
In zijn broodwinning als grafisch ontwerper bij een reclamebureau in Zürich kon hij zich echter nooit echt thuis voelen en reisde daardoor als gevolg daarvan met een kleine circuss tijdens drie jaar van het noorden naar het zuiden Europa door. Het was een soort opleidingsreis en deze atmosferisch dichterlijke wereld heeft hem dan ook blijvend beïnvloed in zijn artistieke schepping.
Zijn werk is doordrenkt van een enkelvoudige visie van een buitenbeentje – hij maakte geen deel uit van een schildersschool of kunstenaarsgroep. Het meest zou men hem kunnen toewijzen aan het fantastische realisme uit Wenen.
Wie over de schilder Otto Bachmann spreekt, moet tegelijk ook spreken over de tekenaar met dezelfde naam. Zijn doorbraak als kunstenaar kwam er toen hij op twaalf grote paneelstukken illustreerde bij Goethers Faust, dat in 1943 bij Conzett en Huber in Zürich verscheen. Later heeft hij herhaaldelijk belangrijke werken uit de wereldliteratuur verrijkt en aangevuld met zijn potlood-, houtskool- en lithografie-tekeningen. Naast deze illustraties zat hij dagelijks aan zijn ezel, eerst in Zürich, vanaf 1945 in Ascona, waar hij ook de «Premio Cultura» van de gemeente ontving. Geleidelijk kon hij steeds meer tentoonstellingen en musea met zijn schilderijen vullen, eerst in Parijs, daarna in de Verenigde Staten en vooral succesvol in Duitsland.
In Otto Bachmanns oeuvre lopen thema’s door die hem gedurende zijn hele loopbaan hebben beziggehouden: toneel, circus en carnavalsbeelden, vrouwbeelden en naakten, rijk aan figuren uit mythologie en religie, evenals motieven uit het dagelijks leven. In zijn oeuvre komt landschappen, stillevens, zelfportretten en mannen vrijwel nauwelijks voor. Hij werd gefascineerd door de transformatie van personen door maskers en kostuums – de identiteit van zo’n wisseling die daardoor plaatsvindt. Maskerade niet als verstoppen, maar als ontcijfering van de ware verhoudingen. Dieptreurige beelden van podium, circus en carnaval vormen dan ook die onderwerpen die men ook vandaag nog indringend herinnert.

