Anna Boch (1848-1936) - Heidelandschap





€ 4 | ||
|---|---|---|
€ 3 |
Catawiki Kopersbescherming
Je betaling is veilig bij ons totdat je het object hebt ontvangen.Bekijk details
Trustpilot 4.4 | 143216 reviews
Beoordeeld als "Uitstekend" op Trustpilot.
Anna Boch, Belgische impressionist, maakte een origineel olieverfschilderij getiteld Heidelandschap in de periode 1900–1910, handgesigneerd, met afmetingen 20 cm hoog en 30 cm breed, landschapsvoorstelling en in goede staat.
Beschrijving van de verkoper
Zeer fraaie plein air studie van Anna Boch (1848-1936). Paar kleine punaise gaten in de hoek en gaatjes in het midden, het betreft hier waarschijnlijk een doek dat uit een groter doek is gehaald om zo makkelijker ter plaatse te schilderen.
Vergelijkbaar werk geveild in 2021, zie laatste foto.
Anna Boch was de oudste dochter van de directeur van de Kéramis Boch fabriek in La Louvière en ontwierp zelf ook een aantal decoraties.
Toen het gezin in Brussel ging Brussel wonen, maakte Anna kennis met een aantal schilders. Ze kreeg haar eerste schilderlessen van Pierre-Louis Kuhnen (1812-1877) en vanaf 1874 van Euphrosine Beernaert. Ze werd nadien in 1876 door Isidore Verheyden (en ook door Michel van Alphen) geïnitieerd in het schilderen en plein air in de omgeving van het Zoniënwoud. Zij bleven gedurende tien jaar samenwerken. Anna Boch kreeg later ook lessen van Théodore Baron.
Ze debuteerde op het Salon van Brussel in 1880 en hield haar eerste persoonlijke tentoonstelling in de Cercle artistique et littéraire in 1884. Ze toonde een doek op het Salon van Parijs in 1885. Ze sloot zich in 1885, als enig vrouwelijk lid, aan bij de avant-gardistische kunstkring Les XX in Brussel (1883-1893). Na de eeuwwisseling sloot ze zich ook aan bij de post-impressionistische kunstkring Vie et Lumière (Brussel 1904-1914). Anna Boch toonde haar werken in 1907 in een retrospectieve in de Cercle artistique van Brussel en, in het jaar daarop, in de Galerie Druet in Parijs. In haar werken ging haar voorkeur uit naar landschappen, stillevens met bloemen, zonnige stranden, de Belgische kust en duinen, de kusten van Bretagne en Nederland.
Zij was in 1911 een van de medestichters van Galerie Lyceum, een Brusselse vereniging van vrouwelijke beeldende kunstenaars. Zij was er met enkele doeken vertegenwoordigd op de openingstentoonstelling. In hetzelfde jaar werd zij verkozen tot voorzitster van de jury van de Salon d'Art Moderne in Charleroi.
Ze was eveneens een groot verzamelaar van kunstwerken. Na haar dood telde men in haar bezit 212 eigen werken en 219 schilderijen van Belgische en buitenlandse schilders die hadden geëxposeerd bij Les XX. Ze legateerde een belangrijk gedeelte van haar collectie aan het Museum voor Schone Kunsten van Brussel, onder meer werk van James Ensor (geschonken tijdens haar leven), Signac, Seurat en Paul Gauguin.
Zeer fraaie plein air studie van Anna Boch (1848-1936). Paar kleine punaise gaten in de hoek en gaatjes in het midden, het betreft hier waarschijnlijk een doek dat uit een groter doek is gehaald om zo makkelijker ter plaatse te schilderen.
Vergelijkbaar werk geveild in 2021, zie laatste foto.
Anna Boch was de oudste dochter van de directeur van de Kéramis Boch fabriek in La Louvière en ontwierp zelf ook een aantal decoraties.
Toen het gezin in Brussel ging Brussel wonen, maakte Anna kennis met een aantal schilders. Ze kreeg haar eerste schilderlessen van Pierre-Louis Kuhnen (1812-1877) en vanaf 1874 van Euphrosine Beernaert. Ze werd nadien in 1876 door Isidore Verheyden (en ook door Michel van Alphen) geïnitieerd in het schilderen en plein air in de omgeving van het Zoniënwoud. Zij bleven gedurende tien jaar samenwerken. Anna Boch kreeg later ook lessen van Théodore Baron.
Ze debuteerde op het Salon van Brussel in 1880 en hield haar eerste persoonlijke tentoonstelling in de Cercle artistique et littéraire in 1884. Ze toonde een doek op het Salon van Parijs in 1885. Ze sloot zich in 1885, als enig vrouwelijk lid, aan bij de avant-gardistische kunstkring Les XX in Brussel (1883-1893). Na de eeuwwisseling sloot ze zich ook aan bij de post-impressionistische kunstkring Vie et Lumière (Brussel 1904-1914). Anna Boch toonde haar werken in 1907 in een retrospectieve in de Cercle artistique van Brussel en, in het jaar daarop, in de Galerie Druet in Parijs. In haar werken ging haar voorkeur uit naar landschappen, stillevens met bloemen, zonnige stranden, de Belgische kust en duinen, de kusten van Bretagne en Nederland.
Zij was in 1911 een van de medestichters van Galerie Lyceum, een Brusselse vereniging van vrouwelijke beeldende kunstenaars. Zij was er met enkele doeken vertegenwoordigd op de openingstentoonstelling. In hetzelfde jaar werd zij verkozen tot voorzitster van de jury van de Salon d'Art Moderne in Charleroi.
Ze was eveneens een groot verzamelaar van kunstwerken. Na haar dood telde men in haar bezit 212 eigen werken en 219 schilderijen van Belgische en buitenlandse schilders die hadden geëxposeerd bij Les XX. Ze legateerde een belangrijk gedeelte van haar collectie aan het Museum voor Schone Kunsten van Brussel, onder meer werk van James Ensor (geschonken tijdens haar leven), Signac, Seurat en Paul Gauguin.

