Birgit Schulte & Klaus-Jurgen Sembach - Henry van de Velde - 1993

04
dagen
20
uren
50
minuten
28
seconden
Huidig bod
€ 15
Geen minimumprijs
Michel Karis
Expert
Geselecteerd door Michel Karis

Kunsthistoricus met ruime ervaring bij diverse veilinghuizen in antiek.

Geschatte waarde  € 150 - € 200
24 andere personen volgen dit object
NLBieder 1262
€ 15
BEBieder 7128
€ 10

Catawiki Kopersbescherming

Je betaling is veilig bij ons totdat je het object hebt ontvangen.Bekijk details

Trustpilot 4.4 | 125472 reviews

Beoordeeld als "Uitstekend" op Trustpilot.

Henry van de Velde is een Nederlandstalige monografie van Birgit Schulte en Klaus‑Jurgen Sembach, eerste druk in prima staat, met 464 pagina’s, uitgegeven vanaf 1993 en met afmetingen 31,5 x 24 cm.

AI-gegenereerde samenvatting

Beschrijving van de verkoper

Henry van de Velde

Inhoud zie foto 4.

Uitgave bij tentoonstelling in Karl Ernst Osthaus Museum, Hagen, Kunstmuseum zu Weimar, Bauhaus Archiv Berlin, Museum voor Sierkunst Gent, Museum für Gestaltung Zürich en Germanisches Nationalmuseum Nürnberg van 1992 tot 1994.

Belangrijke en uitgebreide monografie!

Honderden illustraties , waarvan vele in kleur ( zie foto's )

Prima staat behalve 2 niet storende vouwtjes aan voor- en achterplaat ( zie foto's )

Wordt zorgvuldig verpakt met tr&trace en verzekering verzonden.

Succes Bij het bieden!!

"Henry Clemens Van de Velde was een Belgische kunstschilder, ontwerper, vormgever en architect. Samen met Victor Horta geldt Van de Velde als een der belangrijkste vertegenwoordigers van de art nouveau. Hij wordt ook wel de "apostel van het functionalisme" genoemd.
"Henry van de velde" is een boek van Birgit Schulte & Klaus-Jurgen Sembach. Het is uitgegeven door Pandora. Deze editie verscheen in 1995. Dit werk telt 464 pagina's. Het is geschreven in het Nederlands.

Henry Clemens Van de Velde ( Antwerpen, 3 april 1863 – Zürich, 15 oktober 1957 ) was een Belgische kunstschilder, ontwerper, vormgever en architect.
Samen met Victor Horta geldt Van de Velde als een der belangrijkste vertegenwoordigers van de art nouveau. Hij wordt ook wel de "apostel van het functionalisme" genoemd. Vanaf de eerste jaren van de 20e eeuw speelde hij een toonaangevende rol in de architectuur en de decoratieve kunsten, vooral in Duitsland.

Levensloop
Boekentoren (Universiteitsbibliotheek Gent)
Henry Van de Velde als kunstschilder
Van de Velde studeerde schilderkunst bij Karel Verlat aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen en bij schilder Carolus-Duran in Parijs. Hij raakte diepgaand beïnvloed door Paul Signac en Georges Seurat en schilderde in neo-impressionistische stijl (pointillisme).
Toen hij tweeëntwintig was, trok hij naar het afgelegen Wechelderzande. Het landschap en de inwoners waren vier jaar lang het onderwerp van zijn doeken. Zijn afkeer van het academisme van kunstenaars in Antwerpen en het bezoek aan de Franse kunstenaarskolonie van Barbizon zorgde ervoor dat hij voor het platteland koos. Hij volgde hiermee het spoor van schilders als Isidore Meyers en Adriaan Joseph Heymans en hij trok naar de Noorderkempen. Het was de nieuwste pleisterplek voor jonge kunstenaars vol "Sturm und Drang".
Wechelderzande was nog niet ontsloten door een stoomtram en de steenweg. Henry Van de Velde vond onderdak in gasthof De Keizer, in de schaduw van de Wechelse kerk. Door de toevloed van kunstenaars bouwde men de boerderij met herberg om tot een logement. Het gasthof kreeg een tweede verdieping met slaapkamers en een schildersatelier. Van de Velde schilderde zijn Vrouw bij het raam vanaf het open raam aan de zuidkant. Dit doek is er een uit een reeks van acht die impressies van het dorpsleven weergeven.
Het gasthof is anno 2019 een brasserie-restaurant met de naam De nieuwe Keizer. Weinig herinnert nog aan de kunstenaarsdagen van weleer. Het kunstenaarsatelier is verdwenen; enkel aan de noordkant is het rondbogig ateliervenster nog steeds zichtbaar.
In 1889 werd Van de Velde lid van de kunstenaarsgroep Les XX in Brussel. Nadat Vincent van Gogh op de jaarlijkse tentoonstelling van Les XX enige werken had geëxposeerd, was Van de Velde een van de eerste schilders die door Van Gogh werden beïnvloed. Hij had tijdens zijn huwelijksreis naar Nederland de weduwe van Theo van Gogh bezocht, de broer van de pas overleden Vincent van Gogh. Hij kreeg een goed idee van bijna het hele oeuvre van de schilder en besefte dat hij dit overweldigend niveau nooit zou halen. Voor hem was dit het einde van zijn carrière als kunstschilder.

Henry Van de Velde als ontwerper en architect
Vanaf 1892 verliet Van de Velde de schilderkunst, hij legde zich toe op de toegepaste kunsten: (edelsmeedkunst, porselein en bestekken, modeontwerpen, tapijt- en stoffendesign) en ook op architectuur, met onder meer de bouw van zijn eigen woning in Ukkel, huis Bloemenwerf. In zijn huis vormden de inrichting en het design een organisch geheel. In 1895 ontwierp hij interieurs en meubels voor de invloedrijke kunsthandel L'Art Nouveau, van de galeriehouder Samuel Bing in Parijs. Ook stond Van de Veldes werk in het paviljoen van Bing op de wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs. Van de Velde werd beïnvloed door de Engelse Arts-and-crafts beweging met John Ruskin en William Morris, en was een van de eerste architecten en meubelontwerpers die in een abstracte stijl met gebogen lijnen werkten. Hij verzette zich tegen het kopiëren van historische stijlen en koos beslist voor een oorspronkelijke vormgeving. Hij wilde de banaliteit en de lelijkheid uit de geest van de mens verdringen.

In 1899 vestigde hij zich in Duitsland. Hij kreeg hier een aantal opdrachten, onder andere voor het Museum Folkwang en de villa Hohenhof in Hagen en voor het Nietzsche huis in Weimar. Samen met Harry Kessler werd hij de grondlegger van de Kunstgewerbeschule en de academie in Weimar, de voorloper van het Bauhaus dat door Walter Gropius verder uitgebouwd zou worden te Dessau. Hij onderhield ook een nauwe band met de Deutscher Werkbund.

Portret van Maria Sèthe, de latere vrouw van Van de Velde, 1891, door Théo Van Rysselberghe. Het was via de schilder dat Van de Velde en Maria Sèthe elkaar leerden kennen.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog verbleef Van de Velde in Zwitserland en in Nederland. In opdracht van Helene Kröller-Müller ontwierp hij een opzichterswoning en een arbeiderswoning in Schipborg (bouwvergunningen zijn gedateerd 1921), naast de door architect Hendrik Petrus Berlage in 1914 ontworpen boerderij De Schepbord. Van de Velde ontwierp het uiteindelijk pas in 1938 geopende Kröller-Müller Museum in Otterlo. In 1925 werd hij benoemd in het Hoger Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde van de Rijksuniversiteit Gent, waar hij van 1926 tot 1936 bouwkunst en toegepaste kunsten doceerde. In 1933 kreeg hij daar de opdracht om de universiteitsbibliotheek te ontwerpen; de Boekentoren. De bouw begon in 1936, maar de afwerking vond pas na de Tweede Wereldoorlog plaats en om budgettaire redenen niet volledig volgens de oorspronkelijke plannen. Zo werd de vloer van de leeszaal uitgevoerd in marmer en niet in zwart rubber zoals Van de Velde eigenlijk had gewild. Van de Velde was eveneens betrokken bij de bouw van het Universitair Ziekenhuis Gent.

Te Leuven bouwde hij aan de Diestsestraat tussen 1936 en 1942 zijn laatste gebouw, een technische school, die tussen 1997 en 2000 door de architect Georges Baines gerestaureerd en verbouwd werd tot Stedelijke Bibliotheek en Stadsarchief, De Tweebronnen. Het oorspronkelijke gebouw diende in 1997 als decor voor de choreografie met minimal music van de groep Rosas van Anne Teresa De Keersmaeker voor de dansfilm Rosas danst Rosas.

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is Van de Velde niet de ontwerper van het logo van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen; de bekende letter "B" in een liggende ellips werd bedacht door Jean de Roy. Als toenmalig artistiek adviseur van de NMBS heeft Van de Velde de directie daarentegen wel overgehaald om voor dit ontwerp te kiezen. Daarnaast heeft hij het interieur ontworpen van de eerste Belgische elektrische treinstellen (AM35) en enkele rijtuigen. Van de Velde drukte ook zijn stempel op het station van Blankenberge.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Van de Velde beschuldigd van collaboratie. Tot een proces kwam het nooit, maar Van de Velde ging wel in vrijwillige ballingschap; hij trok zich terug in het Zwitserse Oberägeri, waar hij zijn memoires schreef, die in 1962 postuum zouden verschijnen onder de titel Die Geschichte meines Lebens.

Van de Velde overleed in 1957 op 94-jarige leeftijd te Zürich en werd begraven in Tervuren, bij Brussel.



Henry van de Velde

Inhoud zie foto 4.

Uitgave bij tentoonstelling in Karl Ernst Osthaus Museum, Hagen, Kunstmuseum zu Weimar, Bauhaus Archiv Berlin, Museum voor Sierkunst Gent, Museum für Gestaltung Zürich en Germanisches Nationalmuseum Nürnberg van 1992 tot 1994.

Belangrijke en uitgebreide monografie!

Honderden illustraties , waarvan vele in kleur ( zie foto's )

Prima staat behalve 2 niet storende vouwtjes aan voor- en achterplaat ( zie foto's )

Wordt zorgvuldig verpakt met tr&trace en verzekering verzonden.

Succes Bij het bieden!!

"Henry Clemens Van de Velde was een Belgische kunstschilder, ontwerper, vormgever en architect. Samen met Victor Horta geldt Van de Velde als een der belangrijkste vertegenwoordigers van de art nouveau. Hij wordt ook wel de "apostel van het functionalisme" genoemd.
"Henry van de velde" is een boek van Birgit Schulte & Klaus-Jurgen Sembach. Het is uitgegeven door Pandora. Deze editie verscheen in 1995. Dit werk telt 464 pagina's. Het is geschreven in het Nederlands.

Henry Clemens Van de Velde ( Antwerpen, 3 april 1863 – Zürich, 15 oktober 1957 ) was een Belgische kunstschilder, ontwerper, vormgever en architect.
Samen met Victor Horta geldt Van de Velde als een der belangrijkste vertegenwoordigers van de art nouveau. Hij wordt ook wel de "apostel van het functionalisme" genoemd. Vanaf de eerste jaren van de 20e eeuw speelde hij een toonaangevende rol in de architectuur en de decoratieve kunsten, vooral in Duitsland.

Levensloop
Boekentoren (Universiteitsbibliotheek Gent)
Henry Van de Velde als kunstschilder
Van de Velde studeerde schilderkunst bij Karel Verlat aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen en bij schilder Carolus-Duran in Parijs. Hij raakte diepgaand beïnvloed door Paul Signac en Georges Seurat en schilderde in neo-impressionistische stijl (pointillisme).
Toen hij tweeëntwintig was, trok hij naar het afgelegen Wechelderzande. Het landschap en de inwoners waren vier jaar lang het onderwerp van zijn doeken. Zijn afkeer van het academisme van kunstenaars in Antwerpen en het bezoek aan de Franse kunstenaarskolonie van Barbizon zorgde ervoor dat hij voor het platteland koos. Hij volgde hiermee het spoor van schilders als Isidore Meyers en Adriaan Joseph Heymans en hij trok naar de Noorderkempen. Het was de nieuwste pleisterplek voor jonge kunstenaars vol "Sturm und Drang".
Wechelderzande was nog niet ontsloten door een stoomtram en de steenweg. Henry Van de Velde vond onderdak in gasthof De Keizer, in de schaduw van de Wechelse kerk. Door de toevloed van kunstenaars bouwde men de boerderij met herberg om tot een logement. Het gasthof kreeg een tweede verdieping met slaapkamers en een schildersatelier. Van de Velde schilderde zijn Vrouw bij het raam vanaf het open raam aan de zuidkant. Dit doek is er een uit een reeks van acht die impressies van het dorpsleven weergeven.
Het gasthof is anno 2019 een brasserie-restaurant met de naam De nieuwe Keizer. Weinig herinnert nog aan de kunstenaarsdagen van weleer. Het kunstenaarsatelier is verdwenen; enkel aan de noordkant is het rondbogig ateliervenster nog steeds zichtbaar.
In 1889 werd Van de Velde lid van de kunstenaarsgroep Les XX in Brussel. Nadat Vincent van Gogh op de jaarlijkse tentoonstelling van Les XX enige werken had geëxposeerd, was Van de Velde een van de eerste schilders die door Van Gogh werden beïnvloed. Hij had tijdens zijn huwelijksreis naar Nederland de weduwe van Theo van Gogh bezocht, de broer van de pas overleden Vincent van Gogh. Hij kreeg een goed idee van bijna het hele oeuvre van de schilder en besefte dat hij dit overweldigend niveau nooit zou halen. Voor hem was dit het einde van zijn carrière als kunstschilder.

Henry Van de Velde als ontwerper en architect
Vanaf 1892 verliet Van de Velde de schilderkunst, hij legde zich toe op de toegepaste kunsten: (edelsmeedkunst, porselein en bestekken, modeontwerpen, tapijt- en stoffendesign) en ook op architectuur, met onder meer de bouw van zijn eigen woning in Ukkel, huis Bloemenwerf. In zijn huis vormden de inrichting en het design een organisch geheel. In 1895 ontwierp hij interieurs en meubels voor de invloedrijke kunsthandel L'Art Nouveau, van de galeriehouder Samuel Bing in Parijs. Ook stond Van de Veldes werk in het paviljoen van Bing op de wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs. Van de Velde werd beïnvloed door de Engelse Arts-and-crafts beweging met John Ruskin en William Morris, en was een van de eerste architecten en meubelontwerpers die in een abstracte stijl met gebogen lijnen werkten. Hij verzette zich tegen het kopiëren van historische stijlen en koos beslist voor een oorspronkelijke vormgeving. Hij wilde de banaliteit en de lelijkheid uit de geest van de mens verdringen.

In 1899 vestigde hij zich in Duitsland. Hij kreeg hier een aantal opdrachten, onder andere voor het Museum Folkwang en de villa Hohenhof in Hagen en voor het Nietzsche huis in Weimar. Samen met Harry Kessler werd hij de grondlegger van de Kunstgewerbeschule en de academie in Weimar, de voorloper van het Bauhaus dat door Walter Gropius verder uitgebouwd zou worden te Dessau. Hij onderhield ook een nauwe band met de Deutscher Werkbund.

Portret van Maria Sèthe, de latere vrouw van Van de Velde, 1891, door Théo Van Rysselberghe. Het was via de schilder dat Van de Velde en Maria Sèthe elkaar leerden kennen.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog verbleef Van de Velde in Zwitserland en in Nederland. In opdracht van Helene Kröller-Müller ontwierp hij een opzichterswoning en een arbeiderswoning in Schipborg (bouwvergunningen zijn gedateerd 1921), naast de door architect Hendrik Petrus Berlage in 1914 ontworpen boerderij De Schepbord. Van de Velde ontwierp het uiteindelijk pas in 1938 geopende Kröller-Müller Museum in Otterlo. In 1925 werd hij benoemd in het Hoger Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde van de Rijksuniversiteit Gent, waar hij van 1926 tot 1936 bouwkunst en toegepaste kunsten doceerde. In 1933 kreeg hij daar de opdracht om de universiteitsbibliotheek te ontwerpen; de Boekentoren. De bouw begon in 1936, maar de afwerking vond pas na de Tweede Wereldoorlog plaats en om budgettaire redenen niet volledig volgens de oorspronkelijke plannen. Zo werd de vloer van de leeszaal uitgevoerd in marmer en niet in zwart rubber zoals Van de Velde eigenlijk had gewild. Van de Velde was eveneens betrokken bij de bouw van het Universitair Ziekenhuis Gent.

Te Leuven bouwde hij aan de Diestsestraat tussen 1936 en 1942 zijn laatste gebouw, een technische school, die tussen 1997 en 2000 door de architect Georges Baines gerestaureerd en verbouwd werd tot Stedelijke Bibliotheek en Stadsarchief, De Tweebronnen. Het oorspronkelijke gebouw diende in 1997 als decor voor de choreografie met minimal music van de groep Rosas van Anne Teresa De Keersmaeker voor de dansfilm Rosas danst Rosas.

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is Van de Velde niet de ontwerper van het logo van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen; de bekende letter "B" in een liggende ellips werd bedacht door Jean de Roy. Als toenmalig artistiek adviseur van de NMBS heeft Van de Velde de directie daarentegen wel overgehaald om voor dit ontwerp te kiezen. Daarnaast heeft hij het interieur ontworpen van de eerste Belgische elektrische treinstellen (AM35) en enkele rijtuigen. Van de Velde drukte ook zijn stempel op het station van Blankenberge.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Van de Velde beschuldigd van collaboratie. Tot een proces kwam het nooit, maar Van de Velde ging wel in vrijwillige ballingschap; hij trok zich terug in het Zwitserse Oberägeri, waar hij zijn memoires schreef, die in 1962 postuum zouden verschijnen onder de titel Die Geschichte meines Lebens.

Van de Velde overleed in 1957 op 94-jarige leeftijd te Zürich en werd begraven in Tervuren, bij Brussel.



Details

Aantal boeken
1
Onderwerp
Kunst
Boektitel
Henry van de Velde
Auteur/ Illustrator
Birgit Schulte & Klaus-Jurgen Sembach
Staat
Goed
Publicatiejaar oudste item
1993
Hoogte
31,5 cm
Editie
Eerste druk
Breedte
24 cm
Taal
Nederlands
Oorspronkelijke taal
Ja
Aantal pagina‘s.
464
Verkocht door
NederlandGeverifieerd
888
Objecten verkocht
100%
Particuliertop

Vergelijkbare objecten

Voor jou in

Antiek en klassieke meubels